Van geul naar kabel bij Enexis: een big-bang livegang zonder dataverlies en een recordadoptie in een complexe keten

Energie
Transformatie
Uitdaging

In een sector waar datamigraties vaak mislukken door ketenomplexiteit, moest Enexis de overstap maken van geul- naar kabelregistratie. Ongeveer 250 kerngebruikers zagen hun werkwijze radicaal veranderen, terwijl zo’n 5.000 aanpalende gebruikers dagelijkse impact zouden ondervinden, en dit alles moest gebeuren zonder productieverlies of dataverlies.

Resultaten

Een succesvolle big-bang livegang met nul dataverlies, hoge adoptie en sterke ketensamenwerking. Een stevig fundament is gelegd voor de volgende stap: Revisie Automatisering via NLCS++

Klant

Enexis is een van de zes regionale netbeheerders in Nederland, verantwoordelijk voor aanleg en onderhoud van het gas- en elektriciteitsnet in Nederland. De migratie naar het kabelmodel viel onder de waardeketen Asset Registratie.

In het kort

De implementatie van het kabelmodel bij Enexis was een van de meest ingrijpende ketenveranderingen binnen de energiesector. nlmtd leidde de migratie van geul- naar kabelregistratie in GEN, met directe impact op vele stakeholders en meerdere systemen.

Door een combinatie van pragmatische executie, strakke ketenregie en doelgroep-specifieke, verhalende communicatie werd een big-bang livegang gerealiseerd op 11 juni 2025. Met nul dataverlies, een trainingswaardering van 4,5/5 en een stevig fundament voor NLCS++ bewees Enexis dat zelfs de meest complexe transformaties beheersbaar zijn.

Real world uses cases
0
/5 waardering op 170+ evaluaties
0
Dataverlies tijdens livegang
0

Het succes zat niet alleen in de techniek, maar ook in de aanpak: met een helder en consequent veranderverhaal bereikten en activeerden we collega’s én ketenpartners. De werkwijze werd Enexis-breed gezien als best practice. Daar mogen we trots op zijn: we hebben Asset Registratie versterkt en een stevig fundament gelegd richting NLCS++ en Revisie Automatisering.

Uitdaging

De vraag om kabelregistratie

De bestaande geulregistratie van de assets bij Enexis beperkte de nauwkeurigheid, uniformiteit en automatiseringsmogelijkheden. Daarbij zorgden verschillen tussen vestigingen, aannemers en systemen als GEN, Netplan, AutoCAD en Lovion voor frictie en inconsistenties in kwaliteit. Namelijk, de data wordt momenteel geregistreerd in verschillende systemen, via mail gedeeld en vervolgens ingevoerd met de hand. Dit is foutgevoelig en kan bovendien eenvoudiger en een stuk sneller door middel van Revisie Automatisering.

De nieuwe informatie-uitwisselingstandaard NLCS++ (een uitbreiding op de landelijke NLCS-tekenstandaard van de bouw voor 2D-ontwerptekeningen) maakt revisieautomatisering mogelijk, maar vraagt ook om één uniforme tekenwijze: kabelregistratie.

Een vlekkeloze overstap

Automatisering levert aantoonbare productiviteitswinst op, wat aansluit bij de strategische opgave van de sector om te “bouwen, bouwen, bouwen”. Bovendien denken en ontwerpen engineers al in kabels. Kortom, de stap van geulregistratie naar kabels is noodzakelijk voor een toekomstbestendige samenwerking in de energietransitie.

De uitdaging lag in het uitvoeren van deze transitie in één keer, zonder verstoring van de bedrijfsvoering, zonder dataverlies, en met hoge adoptie in een keten waarin duizenden stakeholders dagelijks afhankelijk zijn van deze systemen, ondanks regionale verschillen, aannemerijvariatie en een releasekalender met veel afhankelijkheden.

Proces

De implementatie van het kabelmodel werd uitgevoerd in vijf fasen en ruste op een nieuwe manier van werken met drie leidende principes:

  1. De keten als storyteller: klankbordgroepen groeiden uit tot ambassadeurs en communicatie werd een doorlopend veranderverhaal dat betekenis gaf aan de stap naar het kabelmodel.
  2. Vertrouwen door transparantie: Risico’s en verschillen tussen Noord en Zuid werden niet weggepoetst, maar benut als kracht en leermomenten. Ook werd ambassadeursinput zichtbaar verwerkt, waardoor vertrouwen vooruitliep op de livegang
  3. Adoptie vanaf dag één: betrokkenheid begon bij co-ontwerpen van trainingen met kerngebruikers, support richtte zich op expertise-deling met visuele tekenvoorbeelden en nazorg werd samenwerken aan de eerste echte cases

Deepdive in het proces

Fase 1 – Voorbereiden
Het project startte met een grondige impactanalyse. Klankbordgroepen brachten risico’s, regionale verschillen en afhankelijkheden in kaart. De droge release notes veranderde zo in heldere storyboards en visuele instructies. Daarnaast kreeg elk geïdentificeerd risico een concreet Plan B, zodat de organisatie voorbereid was op elk scenario.

Fase 2 – Testen
In zeven intensieve testdagen werden meer dan 40 realistische use-cases doorlopen, met gebruikers uit de hele keten. Dit zorgde niet alleen voor technische zekerheid, maar ook voor vertrouwen. De testdagen functioneerden als leerdagen én als communicatiekanaal: inzichten werden gedeeld, fouten werden verbeterd en successen gevierd. Het resultaat: 100% GAT-go voor livegang.

Fase 3 – Trainen
Gedurende een maand werden zo’n 250 medewerkers van aannemerij een volledige dag getraind, verspreid over tien vestigingen en twee productiestraten. GEN interpreteerders, en Lovion en tekensoftware gebruikers werden via webinars en zelfstudie getraind. In deze training, co-ontworpen met kerngebruikers, lag de nadruk op praktijkvoorbeelden, herkenbare cases en visuele uitleg. De gemiddelde waardering: 4,5/5, uitzonderlijk hoog voor een technische transitie van deze omvang.

Fase 4 – Livegang
Op 11 juni 2025 ging het kabelmodel live. Dankzij de zorgvuldige voorbereiding voelde deze dag als bevestiging, niet als experiment. De keten wist wat kwam en stond paraat.

Fase 5 – Nazorg
Na de livegang volgde een warme hyper-carefase met inloopspreekuren, zichtbare experts en de introductie van de “Kabeltjeskrant” als informatief platform wat zorgden voor versnelde stabilisatie én continue verbetering

Adoptie versnellen
De combinatie van testdiscipline, waarderende trainingen, zichtbare ondersteuning en een aansprekend veranderverhaal (nut, noodzaak, trots) maakte gebruikers tot ambassadeurs en
ambassadeurs tot versnellers. 

De Noord-Zuid paradox: van probleem naar kracht
Uit de impact analyse kwamen significante verschillen tussen de Noordelijke en de Zuidelijk vestigingen, op het gebied van cultuur en change-readiness, processen, en gebruikte systemen.

De verschillen waren echter geen bug, maar een feature: Noord leverde snelheid, Zuid borgde kwaliteit; samen ontstond een implementatie die tegelijk snel én solide was

Resultaten

De kabelmodel-implementatie werd een schoolvoorbeeld van hoe techniek en mens samenkomen.

  • Technisch: nul dataverlies, geen kritieke fouten en een geplande migratiedag zonder verstoringen. Daarnaast is er een systeemharmonie over GEN, Netplan, AutoCAD en Lovion.
  • Menselijk: een trainingswaardering van 4,5/5, inloopspreekuren voor optimalisatie in plaats van brandjes blussen en gebruikers werden ambassadeurs en trokken collega’s mee wat zorgde voor een positieve feedbackspiraal.
  • Strategisch: het fundament gelegd voor NLCS++ en de versnelling naar Revisie Automatisering. Ook zorgt de introductie van de Commissie Kaart en Ketenraad voor toekomstige ketengates en release-ritmes voor schaalbare governance.
  • Organisatorisch: Een aannemerij-standaardisatie door middel van kwaliteitspoorten en nieuwe SLA’s fungeert als een springplank voor automatisering.

Dit was een kantelpunt: we hebben niet alleen een nieuw registratiemodel ingevoerd, maar ook een basis gelegd voor uniformiteit en automatisering richting NLCS++ en Revisie Automatisering. Adoptie zat vanaf het begin in de aanpak, met trainingen die samen met kerngebruikers zijn gemaakt en ondersteuning die draait om herkenbare praktijkvoorbeelden.

Lessons learned

De implementatie liet zien dat succesvolle transformatie niet draait om techniek alleen, maar om vertrouwen, ritme en menselijkheid. Governance bleek geen bureaucratie, maar psychologie. Door openheid en duidelijke rollen groeiden formele gremia uit tot een netwerk van vertrouwen dat samenwerking versnelde. Testen was investeren in vertrouwen. Zeven testdagen gaven technische zekerheid én draagvlak, en voorkwamen paniek. De hyper-carefase maakte het verschil met zichtbare ondersteuning en inloopspreekuren in de eerste weken, wat
ambassadeurs maakte. Ook standaardisatie werkte omdat het menselijk bleef. Uniformiteit werkt als kwaliteit en samenwerking boven regel staan. Tot slot, communicatie was de verbindende architectuur. Eén bron van waarheid in timing en toon voorkomt frictie en ruis in een complexe keten

Next steps

De volgende fase richt zich op Revisie Automatisering via NLCS++. Van technische tests naar operationele pilots en gecontroleerd opschaling in 2026. Daarnaast zal de bewezen aanpak van het kabelmodel fungeren als de nieuwe standaard en worden gebruikt als blauwdruk voor toekomstige ketentransformaties met hoge complexiteit en stakes. Tevens evalueert ook de governance mee van project naar productritme. Dit betekent meer KPI-sturing en structurele capaciteitsplanning.

Conclusie

De implementatie van het kabelmodel bij Enexis bewees dat zelfs de meest complexe ketentransities te temmen zijn. De onderzoeksvraag was technisch; het antwoord bleek menselijk. Met nlmtd’s ervaring is een techniek die feilloos werkt gecombineerd met intensieve ketensamenwerking en change management, waardoor voortgang en vertrouwen hand in hand gingen. De stakeholders werden geen toeschouwers, maar ambassadeurs een team van ambassadeurs van de verandering dat samenwerkte. Het resultaat: een nieuwe standaard voor hoe de energiesector duurzaam en met vertrouwen transformeert.

Meer weten? Wij werkten hieraan!

Liline Arends

Liline Arends

Robert van Andel

Robert van Andel

Timo Richardson

Timo Richardson

Lees meer over hoe wij te werk gaan of neem direct contact op

TOP